Vanaf het ogenblik dat ik in januari 1985 mijn opleiding boekbinden begon, startte ook mijn zoektocht naar authentieke machines en gereedschappen.

Al snel kon ik een bordschaar en een kleine slagpers van het merk “Chn. Mansfeld”
(foto 1) op de kop tikken. De bordschaar is ondertussen al lang verkocht, maar de kleine slagpers heeft nog steeds een plaatsje in ons atelier naast haar grote broer van het Brusselse merk “Jullien” (foto 2).

Ondanks een genetisch bepaalde voorliefde voor ijzer was een houten slagpers vanaf mijn eerste boekbindersstappen een wensdroom.
Doorheen de jaren stuitte ik op mooie exemplaren, maar meestal was de prijs een spelbreker en bleef een koop uit.

Een tijdje geleden sloeg ik nog eens aan het “Googelen” en vond een doorleefd exemplaar te koop in Braine – L’Alleud. Op mijn email om meer informatie kwam gedurende enkele weken geen reactie en ik was de pers al wat vergeten, tot ik een beleefd antwoord ontving met meer foto’s van de pers en de uitleg dat ze nu te koop stond in de vestiging van TROC-International in Braine – L’Alleud!

Enkele dagen later werd het afleveren van een partij bindwerk gecombineerd met een bezoek aan de bewuste TROC - International. De pers stond wat verloren tussen afgedankte Ikeameubelen en fitnesstoestellen. Op mijn vraag of ik de pers eens mocht dichtdraaien en ‘aanslaan’, bekeken de verkopers elkaar vol onbegrip. “Wie ging zo een ding nu ook nog daadwerkelijk gebruiken?” Je zag het hen zo denken!

De tand des tijds had zijn sporen nagelaten, maar geen echte schade aangericht, en de koop was vlug gesloten.
De pers werd twee dagen later netjes thuisbezorgd en na uren schrobben, poetsen en boenen zag ze er weer fantastisch uit.

De pers is van het merk “Poirier” (foto 3 en 4).
Laurent Poirier was een Parijse fabrikant van “Presses, massicots et autres matériels de reliure”.
Het atelier bestond van 1849 tot 1863 en was gevestigd tot in 1851 in de rue du Faubourg – Saint – Martin 36, tot 1855 op nummer 33 en op de nummers 122 – 124 tot 1863.
Hij bouwde niet enkel zijn eigen ontwerpen, maar verbeterde ook bestaande machines, al dan niet in samenwerking met andere constructeurs. Zo werd de papiersnijmachine uitgevonden in 1844 door Guillaume Massiquot aangepast en verbeterd door “Pfeffer et Poirier”.

Poirier had als belangrijke klant Jean Engel, ook wel “le père de la reliure industrielle” genoemd. Deze binder heeft verschillende boekbind – en verguldmachines uitgevonden en laten bouwen of bestaande laten verbeteren, zoals de kniehevelverguldpers, de cilinderpers, de kneeppers, de inzaagmachine. Voor deze aanpassingswerkzaamheden werd al eens beroep gedaan op de huismecanicien Laurent Poirier.

Bibliografie:

Projet de sauvegarde du Patrimoine de l’Imprimerie Nationale de France. 8.3.4 n° 29.

Reliures et cartonnages d’éditeur en France au XIXe siècle (1815 – 1865).
Sophie Malavieille. Editions Promodis 1985.
ISBN 2-903181-39-5.

Traité de dorure sur cuir. Historique I.
Eugène de Verbizier, Paris 1990.
ISBN 2-950 5222-0-3.

Traité théorique et pratique de l’art du relieur.
Emile Bosquet, Paris 1890.

French bookbinders 1789 – 1848.
Charles Ramsden, London B.T. Batsford Ltd.
ISBN 0 7134 6416 X.

La Reliure, recherches historiques, techniques et biographiques sur la reliure française.
Roger Devauchelle, Editions Filigranes, Paris 1995.
ISBN 2-911071-00-X.

industriële archeologie, onze houten slagpers, 2012

Also known as the “Bodoni binder”.

Little is known about this Italian bookbinder which is surprising in view of the examples of his skills, but research is being done by Pedro M. Catédra. This historian also wrote the article “Bodonian Bindings” in “Great Bindings from the Spanish Royal Collections 15th – 21st centuries”.

I based my binding on the pictures 135, 136 and 137 in the book above – mentioned.

Guarnaschelli was a pupil of Louis Antoine Laferté (son of Pierre Antoine Laferté Relieur du roi) in Parma.
L.A. was called to Parma by Paolo Maria Paciaudi, librarian at the Court in Parma, where he opened a “sophisticated atelier, specializing in the art of binding, gilding and in the manufacture of decorative paper”.

Guarnaschelli started for himself after the death of L.A. in 1790 and worked for an exclusive small circle of clients as the Duke of Parma and the printer and type designer Giambattista Bodoni.

Guarnaschelli liked to cover his bindings with mottled or sprinkled calfleather and to finish the boards with frames in different colours.
The covers were decorated with a design of gold and blind tooled decorative wheels, a hand tool in the 4 corners.
The back was decorated with gold tooled lines and pallets, in the centre of each panel a flower. Head and tail of the back have always a gold tooled pallet, the raised bands sometimes. Red and green morocco labels cover the title panels.

Guarnaschelli signed his bindings occupying the whole fore-edge square of the back cover, separating each word with a tooled flower “Domenico Guarnaschelli legatore di libri”.

References:

“Great Bindings from the Spanish Royal Collections 15th – 21st centuries”. Ediciones El Viso, Patrimonio Nacional 2012.

Catalogue XVI 2013 Tusculum Rare Books Ltd. Lotnummer 28 p. 36 – 37.

Kneep & binding, een terminologie voor de beschrijving van de constructies van oude boekbanden. Den Haag 1992.

Catalogus “Bookbinders finishing tools” van P&S engraving.

Spespaneel en drakenstempel, een terminologie voor de beschrijving van de versiering van de boekband.
Nijmegen 2011.

The binding.

Revue des Bibliothèques et Archives de Belgique.
Publiée par L. Stainier.
Tome IV N°3 Mai – Juin 1906.

24,9 cm x 15,5 cm.

Book with trimmed edges bound on 5 cords.
Embroidered headbands in 2 different colours of silk.
Boards covered with natural sheepleather.
Leather mottled and frames dyed in different colours.
Fillet wheels on the boards carbon tooled, decorative wheels and corner pieces gold tooled.
Monogram in the centre of both boards carbon tooled.
Raised bands finished with a carbon tooled line, the other lines gold tooled.
The back is finished with a gold tooled decorative pallet on head and tail, and a flower tool in the centre of each panel.
Title label is red “strié” goatskin (the title “I.R. Gand” refers to the first article in the book “Le relieur au monogramme I.R. ; Jan Ryckaert, de Gand”).

November 2013.

Domenico Guarnaschelli

De Yapp Binding en haar basis.

Artikel 1 voor het Engramzine van J.-J. Camps.
Door Jan Camps, Diest 2011.

In “The Folger Shakespeare Library, Fine and Historic Bookbindings”(1) lezen we “ A fore-edge Yapp” en “A limp vellum boxbinding with fitted Yapp edges”.

In "A History of English Craft Bookbinding Technique" (2) lezen we "Yapp fore-edges" en "Yapp Bindings".

In “The British Library Guide to Bookbinding History and Techniques”(3) lezen we “Yapp edges is the term given when the vellum is turned over all three edges”.

Sommige boekbinders, restauratoren en / of docenten spreken over een Yapp wanneer ze (een) “omgezette rand(en)”(4) bedoelen bij een perkamenten band.

Maar waar komt de term vandaan?

Yapp Bindings (foto 1) zijn genoemd naar de bedenker, of beter herbedenker ervan, William Yapp, een bijbelhandelaar en uitgever die actief was in Londen (5) meer bepaald tussen 1854 en 1875 leidde hij zijn uitgeverij “The Book and Tract Depot” op 70, Welbeck Street (6).

Om zijn bijbels en gebedenboekjes te beschermen liet hij kop, staart en goot van de banden voorzien van omgezette randen met inslagen die elkaar raakten in het midden van de dikte van het boekblok.
Andere typische kenmerken van een Yapp Binding zijn de op rode ondergrond vergulde sneden, de geronde hoeken van zowel het boekblok en de platten, de zeer dunne, flexibele platkernen en de éénkleurige, meestal zwarte schutbladen.

Willam Yapp gebruikte als bekledingsmateriaal hoofdzakelijk leder, zeer uitzonderlijk perkament.
Bij lederen banden werd er later een ritssluiting aan de omgezette randen geplaatst om zo het boek na gebruik dicht te kunnen ritsen en nog beter te beschermen.

Er waren andere uitgevers die op dit idee verder borduurden en een extra wikkel te koop aanboden (foto 2, 3, 4) voor hun bijbels en gebedenboekjes.
Om het boek op zijn plaats te houden werd er in de wikkel een smallere strook leder (foto 3 en 4) gestikt waaronder het plat werd geschoven.
Het idee van de wikkel is een afgeleide van de middeleeuwse hulselbanden (7).

Bij ons in Vlaanderen had, onder andere, de firma Brepols uit Turnhout een verwant systeem, ttz. bij een gebedenboek kon je een extra omhulsel (foto 5 – 6 - 7) kopen waarin je je boek bewaarde.
Dit omhulsel had omgezette randen zonder inslagen, maar met een ritssluiting, een identieke betiteling en een al dan niet gelijkende of identieke platdecoratie. Het omhulsel was aan de binnenkant voorzien van 2 elastieken ( foto 6 – 7) waaronder je telkens een plat van het boek schoof waardoor dit niet meer kon bewegen.

Inspiratie voor zijn Yapp Binding haalde William Yapp enerzijds bij de “Koperten” en anderzijds bij de “Boxbindings”.

“Koperten” (8 – 9 - 10) zijn boekbanden met een doorlopende lederen of perkamenten omslag zonder inslagen en zonder platkernen, al dan niet met een overslag aan de goot of – zeer uitzonderlijk - overslagen aan de 3 sneden.
Deze vroegmiddeleeuwse binding werd vanwege haar simpele en snelle werkwijze steeds meer vervaardigt waardoor ze in de 14e eeuw haar eigen technische benaming kreeg, de “coopertorium” (9) of “kopert”, een benaming die vanaf de 15e eeuw volledig ingeburgerd (10) was.

Léon Gruel beschrijft in zijn “Manuel de l’amateur de reliures anciennes” een soepele rundslederen band rond een bijbel gedrukt door Johann Schabeler Wattenschnee in 1524 te Bazel (11) met aan de 3 sneden overslagen zonder inslagen.

Als oudste Boxbinding verwijst Bernard Middleton naar een Italiaans exemplaar uit 1593 beschreven door H. M. Nixon in "Broxbourne Library; Styles and Designs of Bookbindings", doch in "Fine and Historic Bookbindings From the Folger Shakespeare Library" wordt een exemplaar van Christophe Plantijn uit 1568 beschreven.
Zelf bestudeerden (12 - 13) we in het Plantijn Moretusmuseum te Antwerpen het nummer R 41.4 "Sacrae Scripturae Veteris" een Venetiaanse druk van Aldus Manutius uit 1518.

Het boeiende aan de constructie van een Boxbinding is dat men door insnijden en plooien omgezette en ingeslagen randen krijgt die niet enkel de sneden beschermen, maar bovenal de band een stevigheid bezorgen zonder dat er platkernen en lijm dienen gebruikt te worden.

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen rakende en overlappende Boxbindings (foto 8).

Bij een rakende Boxbinding komen de omgezette en ingeslagen randen van de platten tegen elkaar in het midden van de dikte van het boekblok, net zoals bij een Yapp Binding.
Bij een overlappende Boxbinding daarentegen schuiven de omgezette en ingeslagen randen van het voorplat netjes over de omgezette en ingeslagen randen van het achterplat waardoor men als het ware een doos krijgt.

Het grote verschil met een Yapp Binding is dat de meeste Boxbindings perkament als bekledingsmateriaal hadden.

De opkomst van perkamenten banden, loopt een beetje gelijk met de afname van dit materiaal als schrift - en drukdrager. Om toch een afzetmarkt te houden wordt perkament meer en meer als bekleding gebruikt.

De Yapp Binding is niet de eerste benaming van een boekbind – of verguldtechniek die z'n naam later krijgt dan de oorsprong.
Een mooi voorbeeld zijn de boekbanden uit de 16e en 17e eeuw, verguld volgens de 'Style à la Fanfare'.

Dit is een volledige, manuele platvergulding van een geometrisch slingerend bandwerk waardoor compartimenten ontstaan.
Het centrale compartiment werd opengelaten om een wapenstempel in te vergulden, spiraalstempels werden voor het eerst gebruikt en het ganse decor werd steeds met een kader van 3 vergulde fileten afgezet.

Deze stijl krijgt raar genoeg pas in 1829 zijn naam wanneer Nodier, een Frans schrijver en bibliofiel, bij Thouvenin een boekband bestelt rond het werk “Fanfares et courvées abbadesques des Roule – Bontemps de la haute et basse cocquaigne” uit 1613.
Thouvenin baseert zijn ontwerp op de decors uit de 16e en 17e eeuw en het eerste woord van de titel ‘Fanfare’ wordt vanaf dan gebruikt om dat soort decors aan te duiden 14 – 15 – 16).

Bibliografie:

(1) Fine and Historic Bookbindings From the Folger Shakepeare Library by Frederick A. Bearman, Nati H. Krivatsky, J. Franklin Mowery.
Washington 1992.
ISBN 0-9629254-1-1.
Pagina 149.
(2) A History of English Craft Bookbinding Technique by Bernard C. Middleton, foreword by Howard M. Nixon.
The Holland Press London.
First published 1963, Second Supplemented Edition 1978, Third Supplemented Edition 1988.
ISBN 0-946323-13-5.
Pagina 142 en 164.
(3) The British Library Guide to Bookbinding History and Techniques by P.J.M. Marks.
The British Library.
London 1998.
ISBN 0-7123-4582-5.
Pagina 45.
(4) Kneep en Binding, een terminologie voor de beschrijving van de constructies van oude boekbanden door W.K. Gnirrep, J.P. Gumbert, J.A. Szirmai.
Koninklijke Bibliotheek, Den Haag, 1997.
ISBN 90-6259-096-9.
Pagina 68 nummer 52.4
(5) oxforddictionaries
(6) wildfalcon
(7) Kneep en Binding, een terminologie voor de beschrijving van de constructies van oude boekbanden door W.K. Gnirrep, J.P. Gumbert, J.A. Szirmai.
Koninklijke Bibliotheek, Den Haag, 1997.
ISBN 90-6259-096-9.
Pagina 79 nummer 54.10.
(8) Kneep en Binding, een terminologie voor de beschrijving van de constructies van oude boekbanden door W.K. Gnirrep, J.P. Gumbert, J.A. Szirmai.
Koninklijke Bibliotheek, Den Haag, 1997.
ISBN 90-6259-096-9.
Pagina 67 nummer 52.2.
(9) Zeitschrift für Bibliothekswesen und Bibliographie, 8.
1961, pagina 326 - 337
Hochmittelalterliche Koperteinbände van Hermann Knaus.

(10) Schriften der UB Tübingen, 4.
Erlangen, 196?.
In einem Kopert gebunden von Wieland Schmidt.
Aus der Arbeit eines Bibliothekars, Festschrift für Fritz Redenbacher.
“coopertori ofte eyn decksel van enem boecke”
“decksel” hier bedoeld als bedekking/ hulsel.
(11) De bijbel wordt beschreven in Livres Rares, six siècles de reliures Pierre Berès.
Pierre Berès, s.a.
14 avenue de Friedland, 75008 Paris, 2004.
ISBN 2 7056 6494 0
Pagina 10, volbladfoto pagina 12.
(12) Waarvoor onze oprechte dank aan de heer Dirk Imhof, Conservator Boeken en Archief van het Plantijn Moretusmuseum Antwerpen.
(13) Deze studie diende als basis voor onze Engramdagen 12/2009 "Boxbindings".
(14) Dix siècles de reliure par Yves Devaux.
Editions Pygmalion, Paris, 1977.
ISBN 2-85704-024-5.
Pagina 94.
(15) Styles et modèles par Pascal Alivon.
Artnoville Editeur, Paris, 1990.
ISBN 2-9504539-0-2.
Pagina 42.
(16) Een aanzet tot de geschiedenis van de Boekband door Jan Storm van Leeuwen.
Syllabus behorende bij de colleges Geschiedenis en Stilistiek van de Boekband aan de Opleiding Restauratoren Amsterdam.
Voorschoten 1996.
Pagina 93.
foto's
Foto 1 Privécollectie.
Foto 2 tot en met 8 Collectie J. – J. Camps.

Yapp binding

Statiestraat 40 B-3290 DIEST - 0032 478 11 22 04 - info@boekbinderij-camps.be